Standerdmolen:


steenbalkDe standerdmolen is het oudste type windmolen in Nederland. Op middeleeuwse prenten is deze oermolen dan ook veel te zien. Vaak op de stadswallen van oude steden.

Er zijn in Nederland 47 molens van dit type bewaard gebleven. De meeste in de oostelijke en zuidelijke provincies. Buiten Limburg in Gelderland, Noord-Brabant en Zeeland. In België staan nog wel zo'n 100 staakmolens, zoals deze verschijningsvorm bij de zuiderburen wordt genoemd.

IMG_2047.JPGDe kast van de standerdmolen draait om een spil, staak of standerd die beneden in de onderbouw door een zware balkenconstructie staande wordt gehouden. De hele kast van de molen hangt dus op deze standerd! Het draaien van de kast is noodzakelijk om de wieken naar de wind te kunnen keren.

Alle Nederlandse standerdmolens zijn korenmolens. Via de lange trap aan de achterzijde van de molen is het maalbedrijf te betreden. Om het maalgoed, het graan, boven in de molen te krijgen is er aan de achterzijde van de kast een luifel te zien waaronder zich een door de wind aangedreven as bevindt. Deze luias hijst de zakken graan naar boven.
In de kast bevinden zich twee vloeren. Op de bovenste, de steenzolder, ligt het koppel molenstenen. De onderste steen ligt vast, de bovenste wordt door de molen in beweging gebracht.
IMG_2049a.jpgOp de meelzolder vangt de mulder het vers gemalen meel op in zakken. Ook daar bedient hij het 'licht'. Hiermee wordt de gang van de molen steeds afgesteld met de druk van de bovenste op de onderste maalsteen. Zo is de mulder in staat goede kwaliteit meel te malen.

Is de voet van de molen ombouwt, spreekt men van een gesloten standerdmolen, zoals de molen van Kessel. Is de voet bloot dan wordt er van een open standerdmolen gesproken. De molen van Rembrandts vader in Leiden was van dit type.

300720111593b.jpgStanderdmolens zijn molens die vaak al een heel lange geschiedenis achter zich hebben. De meeste molens van dit type zijn dan ook al één of meerdere malen verplaatst. De standerdmolen leent zich daar voor omdat het een compleet demontabele molen is. Reeds in de Middeleeuwen werden de standerdmolens op de stadswallen bij stadsuitbreidingen afgebroken en stukje verderop weer opgebouwd. Molens verplaatsen gebeurd dus al sinds mensenheugenis.
De molen van Kessel is twee maal verplaatst. Van de noordzijde van Meyel naar de zuidzijde (1801) en van Meyel naar Kessel (1878). De gemeente Kessel is bezig met een nieuwe verplaatsing. De huidige locatie is de afgelopen decennia namelijk behoorlijk verwaarloosd.

Nog vragen? Loop eens binnen als de molen open is!

dwarsdoorsnede Dwarsdoosnede van de molen uit 1978

 

Aanvullende gegevens